The stage at the Castle Theatre, Cesky Krumlov
RADAR

Het gouden pantheon van de muziek

Internationale orkesten

BOZAR ontvangt in de loop van het seizoen een aantal uitmuntende internationale orkesten, die muziekgeschiedenis hebben geschreven en die nog steeds muziek over de hele wereld laten schitteren. Zij brengen in het Paleis voor Schone Kunsten enkele meesterwerken die zeer geliefd zijn bij het publiek.

De schoonheid van een muzikale uitvoering heeft maar weinig te maken met de bekendheid van het orkest. Toch moeten we ons geluk niet onder stoelen of banken steken wanneer de werken door gerenommeerde orkesten worden gebracht. Hun reputatie is meestal geen toeval.

 

Bruckner en nog eens Bruckner

Eugen Jochum
Eugen Jochum

Na het Koninklijk Concertgebouworkest Amsterdam en het Philharmonia Orchestra zorgt het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks voor het vervolg van onze cyclus gewijd aan grote internationale gezelschappen. Het symfonisch orkest van de Beierse radio-omroep werd opgericht door de legendarische Duitse dirigent Eugene Jochum, wiens opnamen van de symfonieën van Bruckner tot de beste ooit behoren. Jochum was een van de grootste voorvechters en pleitbezorgers van het werk van deze Oostenrijkse componist. Beiden waren devote katholieken, wat niet onbelangrijk is om de muziek van deze meester op de juiste manier aan te pakken. Om de hele omvang van het stuk tot uiting te kunnen brengen, is een geest nodig die sterk gericht is op spiritualiteit.

Op 23 november brengt het orkest opnieuw hulde aan Bruckner met de uitvoering van een van zijn meest succesvolle symfonieën, de Achtste, een monument van de romantiek en een echte pelgrimstocht van de ziel, naar de grenzen van een mystiek die we later ook terugvinden in het werk van componisten zoals Mahler of, in een religieuzere versie, Messiaen. Deze symfonie is als het ware een holistische som van de romantiek. Ze brengt ons bij de meest gesofistikeerde versie van de muzikale architectuur die door tonaliteit, tot haar grenzen gedreven, mogelijk wordt gemaakt. De muzikale leiding is in handen van de fantastische Mariss Jansons, een van de beste dirigenten van zijn generatie. Als muzikaal leider van het orkest is hij de volgende in een prestigieuze lijn van invloedrijke voorgangers: Eugen Jochum, Rafael Kubelík, Colin Davis en Lorin Maazel.

 

Toppers van de romantiek

Nog meer grote formaties maken dit seizoen hun opwachting in BOZAR, waaronder twee van de meest prestigieuze Amerikaanse gezelschappen. Het Houston Symphony kent een traditie van grote – meestal Europese – dirigenten: Ferenc Fricsay, Leopold Stokowski, maar ook John Barbirolli, André Previn of, dichter bij ons, Christoph Eschenbach, die het orkest zijn huidige uitstraling heeft gegeven.

Op 9 maart staan twee Amerikaanse meesterwerken van Bernstein op het programma: West Side Story, waarin de componist de eerste muzikale synthese realiseert die echt Amerikaans genoemd kan worden, en Lenny, een stuk dat maar zelden wordt uitgevoerd en geïnspireerd is op Het Symposium van Plato. In dit tweede werk zal de grote Amerikaanse violiste Hilary Hahn de sublieme solopartij vertolken. Als afsluiter van de avond is er de weelderige 7e Symfonie van Dvořák, die letterlijk in de ban was van de Verenigde Staten. Zo weerspiegelt de affiche duidelijk de identiteit van dit orkest.

Een ander groot Amerikaans orkest, het Philadelphia Orchestra, doet het podium van BOZAR aan op 24 mei. Dit is een van de absolute toppers van de Amerikaanse muziek. Het orkest maakt deel uit van de beroemde “Big Five”, zeg maar de Ivy League der orkesten, met verder ook New York, Cleveland, Boston en Chicago. Ook hier vinden we muzikale leiders van de hoogste rang, zoals Riccardo Muti, Wolfgang Sawallisch of Charles Dutoit, van wie enkelen ook in Houston werkten, zoals Stokowski en Eschenbach. De klasse van de huidige dirigent, Yannick Nézet-Séguin, hoeven we niet meer te benadrukken. Deze oude bekende van BOZAR staat ook deze keer aan het hoofd van het orkest in de Henry Le Bœuf-zaal, met een programma dat er zeer veelbelovend uitziet: Symfonie nr. 4 van Schumann met het illustere Scherzo, en het prachtige Concerto voor piano nr. 1 van Brahms, vertolkt door Hélène Grimaud. Twee pareltjes uit de romantiek die bijzonder geliefd zijn.

Brahms - Piano Concerto No. 1 | Hélène Grimaud [HD]

 

Terug naar Europa

Ook het Orchestre de Paris heeft een indrukwekkende geschiedenis, al werd het formeel pas recent opgericht (in 1967 volgde het orkest het Orchestre de la Société des concerts du Conservatoire op, dat zelf in 1828 was opgericht en een belangrijke rol speelde in het muzikale leven in het Parijs – en dus het Europa – van de 19e eeuw). Enkele grote namen stonden aan het hoofd van het orkest, zoals Herbert von Karajan, Georg Solti, Daniel Barenboim, Semyon Bychkov, Christoph Eschenbach (alweer!), Paavo Järvi en, vandaag, Daniel Harding. De Symfonie nr. 9 van Mahler mag dan voor uitvoerders een van de meest geduchte symfonieën zijn – ze heeft een heel bijzondere plek in het repertoire en wordt vaak gespeeld onder leiding van dirigenten die al verder in hun carrière zijn, zoals Karajan en Bernstein –, het lijdt geen twijfel dat het Franse orkest en zijn muzikaal leider een versie zullen brengen die helemaal past bij de gelegenheid.

 

Het noodlot voor de deur

Ludwig van Beethoven
Ludwig van Beethoven

We eindigen onze reis met twee speciale vermeldingen. Ten eerste voor het Estonian Festival Orchestra, dat de 100e verjaardag van de Baltische republiek Estland zal vieren, een land boordevol talent. We denken dan natuurlijk aan “het geslacht Järvi”, waarvan Paavo, zoon van de beroemde Neeme, al sinds vele jaren een begrip is. Als dirigent van het concert op 18 januari brengt hij twee werken van zijn landgenoot Arvo Pärt, een van de grote hedendaagse componisten, waaronder het beroemde Fratres.

Onze tweede speciale vermelding is voor het Koninklijk Concertgebouworkest Amsterdam, in residentie bij BOZAR, een orkest dat steevast garant staat voor de mooiste klanken ter wereld. Het tweede concert dat dit orkest dit jaar in BOZAR geeft, staat onder leiding van de Oostenrijkse dirigent Franz Welser-Möst. Die laatste is tevens muzikaal leider van het Cleveland Orchestra, een van de grote Amerikaanse orkesten en lid van de zeer selecte “Big Five”. Om maar te zeggen dat de dirigent past bij Beethovens Symfonie Nr. 5, een emblematisch werk dat veel muziekliefhebbers leren kennen voordat ze de rest van het repertoire van de “grote” muziek ontdekken. Het geeft deze symfonie meteen een uniek statuut, als een soort portaal waar men onderdoor moet om aan de inwijding te kunnen beginnen, een grens waar het magische rijk van de klassieke muziek begint. De grote romantische Duitse schrijver Ernst Theodor Amadeus Hoffmann, die zijn grote bewondering voor Beethovens Vijfde nooit onder stoelen of banken heeft gestoken, schreef: “Onweerstaanbaar is de manier waarop dit prachtige werk de luisteraar meeneemt door steeds groter wordende sferen, tot aan het spirituele koninkrijk der oneindigheid”. De beginnoten van deze symfonie klinken, volgens de componist, als “het noodlot dat aan de deur klopt”. Beethoven leerde ons dat het aan ons is om die deur te openen.

Zie ook