© Marco Borggreve
RADAR

Jean-Guihen Queyras, een open geest

Interview

Concerto of recital, klassiek of hedendaags: de Franse cellist waagt zich aan alles, en steeds met succes. Hij bewijst dat veelzijdigheid en kwaliteit echt wel verenigbaar zijn.

Na zijn samenwerking met Anne Teresa De Keersmaeker, onthult Queyras zijn talent als ervaren kamermuzikant aan de zijde van trouwe partners als de pianisten Alexandre Tharaud en Éric Lesage, of fluitist Emmanuel Pahud. Hij staat ook als solist op het podium, samen met het Belgian National Orchestra. We ontmoetten een ‘gretige’ muzikant die van alle markten thuis is.

Vanwaar uw liefde voor de cello?
Ik ben opgegroeid in een gezin waar muziek alomtegenwoordig was. Mijn moeder was een amateurpianiste en speelde regelmatig met een cellist. De onweerstaanbare verliefdheid kwam er toen ik negen jaar oud was. Ik woonde een concert bij waar een jonge cellist het concerto van Camille Saint-Saëns speelde. De cello werd onmiddellijk een obsessie.

© Marco Borggreve
© Marco Borggreve

Uw muzikale parcours is absoluut eclectisch. Waarom is het zo belangrijk om zowel Bach als de klassieke componisten, de romantici of nog de moderne en hedendaagse componisten aan te snijden?
Mijn brede belangstelling is de uitdrukking van een nieuwsgierige en gretige aard. Dit gezegd zijnde, denk ik dat het contact met nog levende componisten helpt om de meesters uit het verleden te begrijpen. En omgekeerd helpt het uitvoeren van klassieke componisten om vorm en structuur te geven aan creaties van vandaag.

Música mediterrânica - Socrates Sinopoulos, com Jean-Guihen Queyras

Maar er zijn niet alleen de ‘klassieke’ componisten! Daarvan getuigt uw album Thrace, opgenomen met de broers-percussionisten Chemirâni samen met Sokratis Sinopoulos op de lyra...
Dit project is voor mij belangrijk omdat het verschillende episodes uit mijn leven samenbrengt. Ten eerste worden klanken opgeroepen die ik tijdens mijn kindertijd in Algerije heb gehoord; ik was toen tussen de vijf en acht jaar oud. Het feit al zo vroeg in contact te komen met andere culturen, talen en tradities, heeft volgens mij een zeer positieve impact op de ontwikkeling van een open en inclusieve kijk op de wereld. Thrace is ook het verhaal van een vriendschap die ik sinds mijn achtste deel met de broers Chemirâni. Bovendien dompelt dit project me opnieuw onder in de jaren die ik doorbracht bij het Ensemble intercontemporain, die me de kans gaven om de vele bruggen te ontdekken tussen de muziek van verschillende regio's en periodes.

U bouwt ook bruggen tussen muziek en dans. Heeft uw samenwerking met Anne Teresa De Keersmaeker en Rosas in de Munt afgelopen september, uw kijk op de Suites van Bach veranderd?
De relatie tussen het ritme en de aanwezigheid van dansers heeft mijn perceptie van dit meesterwerk en mijn vertolking beïnvloed. Het intense werk met Anne Teresa De Keersmaeker en Rosas bracht me ertoe mijn kennis van de Suites nog te verdiepen. Deze stukken zijn vrijelijk gebaseerd op barokdansen, die bij Bach enkel nog de achtergrond vormen voor ritmische energie, terwijl deze muziek op haar beurt aanleiding geeft tot dans. Deze ‘terugkeer naar de bron’ is zeer stimulerend en inspirerend.

Mitten wir im Leben sind/Bach6Cellosuiten (2017) — teaser

Welke blijvende herinnering bewaart u van uw concerten in de Grote Zaal Henry Le Bœuf?
Ik herinner me dat ik diepgeroerd was toen ik samen met Alexander Melnikov de Drie stukken van Webern en de Sonate op. 19 van Rachmaninov in deze zaal speelde. Deze plek is enorm inspirerend, een ideale ruimte waarin al decennialang muzikale hoogtepunten hebben geklonken: een van mijn favoriete zalen in de wereld!

Ter gelegenheid van het ‘portret’ dat BOZAR dit seizoen aan u wijdt, treedt u allereerst op met Alexandre Tharaud, een figuur die al heel lang uw muzikale partner is...
Alexander is als een broer voor mij. Al meer dan twintig jaar kennen we elkaar en werken we samen! We hebben geen geheimen meer voor elkaar, zowel op het podium als daarbuiten. Daarom heb ik het gevoel thuis te komen wanneer ik het podium met hem deel.

Hoe hebt u het programma van uw concert uitgedacht?
Bach was een constante bron van inspiratie voor Sjostakovitsj, en af en toe ook voor Brahms. Deze invloed merk je met name in de Sonate op. 38 van laatstgenoemde. Wat de Vier Stücke van Berg betreft, die zijn een echt meesterwerk, een afspiegeling van de Weense stijl van Brahms.

Brahms Cello Sonata No.1 in E minor, Op. 38 (Alexandre Tharaud, Jean-Guihen Queyras)

Dan is het de beurt aan Emmanuel Pahud en Éric Lesage, met wie u het podium deelt...
Emmanuel is duidelijk een levende legende op zijn instrument, en Éric heeft een wonderlijke, fluweelachtige aanslag. Het is een groot voorrecht en een echt genoegen om met hen samen te werken!

Welke componist op het programma dat u met hen speelt, heeft uw voorkeur: Haydn, Von Weber of Martinů?
Als ik moet kiezen, dan is het Haydn die in de eerste plaats tot mijn hart spreekt. Ik hou van elke noot bij hem. Zijn muziek onthult dat hij een verrukkelijke man moet zijn geweest, geestig, vrijgevig en gretig...

U speelt ook Prokofjevs Concertante symfonie met ons huisorkest, het Belgian National Orchestra. Welke plaats bekleedt de solist in een dergelijk concertant werk?
Dit werk eist van de solist een enorme virtuositeit, wat te maken heeft met de persoon aan wie het opgedragen is: Mstislav Rostropovich, die wel houdt van uitdagingen. Anderzijds was Prokofjev bijzonder trots op de orkestpartij, wat vermoedelijk de titel verklaart.

Prokofiev: Symphony-Concerto for cello & orchestra in E minor, Op. 125

Welke andere boeiende projecten mogen we dit seizoen nog verwachten?
Graag vermeld ik hier het Concerto van Schumann met het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks onder leiding van Sir John Elliot Gardiner, een echte Schumann-kenner, en Edward Elgars Concerto in het buitengewone kader van de London Proms in de Royal Albert Hall.

Tot slot: wat is uw motto?
Tolerantie, nieuwsgierigheid, empathie en luistervaardigheid.

Zie ook