Orgelpijpen getroffen door waterschade, januari 2021 © Yannick Sas
RADAR

Zal het orgel opnieuw moeten zwijgen?

Een bewogen geschiedenis

Maandag 18 januari 2021, er breekt brand uit op het dak van het Paleis voor Schone Kunsten. Het vuur richt geen al te grote schade aan, maar het water waarmee de brand geblust wordt wel. Het orgel – de muzikale en architecturale parel van de Grote Zaal Henry Le Bœuf – is het zwaarst getroffen. Een nieuwe mokerslag voor dit instrument. Zijn bewogen geschiedenis en de verschillende herrijzenissen bieden meer dan genoeg stof voor een tv-serie. In 1967 werd het door brand beschadigd en daarna bleef het een halve eeuw stil. Tot het in 2017 weer volledig gerestaureerd was. Een terugblik op de spannende geschiedenis van dit belangrijke instrument van ons muzikaal erfgoed.

Het orgel in 1935
Het orgel in 1935
De belle époque

Het Paleis voor Schone Kunsten wordt in 1928 ingehuldigd, maar het Brusselse publiek moet nog twee jaar wachten voordat het in de schitterende, door Victor Horta ontworpen Grote Zaal Henry Le Bœuf het orgel voor het eerst hoort weerklinken. De geschiedenis van het orgel begint dus in 1930, wanneer Joseph Stevens, de orgelbouwer uit Duffel, de laatste hand aan het instrument legt. Het eindresultaat wijkt behoorlijk af van wat Horta in gedachten had. Die wou het orgel in de ovale vorm van de Grote Zaal integreren, als het spiegelbeeld van de koninklijke loge aan de overkant. Maar het orgel, met zijn 74 registers, 3 klavieren en een voetklavier, zal uitgroeien tot een instrument dat onlosmakelijk met de Grote Zaal verbonden is.

Paul de Maleingreau, orgeldocent aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel en de man die het orgel samenstelde, zegt over het instrument:

‘Het orgel van Stevens is geroepen om het nationale initiatief dat het Paleis voor Schone Kunsten is, te vervolmaken. Het brengt hulde aan vakmanschap in een land waar de orgelbouw al heel vroeg een klankpalet aanreikte aan de Nederlandse meesters, de rechtstreekse voorlopers van J.S. Bach.’

Het instrument is ontworpen als een orgel waarop je ‘alles moet kunnen spelen’, in overeenstemming met de neoclassicistische stroming die in die tijd in de mode was in Frankrijk. Volgens die universalistisch georiënteerde visie konden organisten vijf eeuwen muziek op één en hetzelfde instrument spelen. De grootste organisten van de 20ste eeuw zullen op het orgel van Stevens spelen. 

Verschillende episodes in mineur

In 1967 slaat het noodlot toe. Er breekt brand uit in de kelder onder de Grote Zaal Henry Le Bœuf en die beschadigt een deel van de machinerie van het orgel. Het instrument dat door Stevens was gebouwd, was niet naar de smaak van de toenmalige artistieke verantwoordelijken van het Paleis voor Schone Kunsten en zij pleiten ervoor een nieuw instrument te bouwen. Er volgen verschillende tijdelijke oplossingen. In 1971 wordt in de grote, lege orgelkast een klein neobarokorgel van Nederlandse makelij geplaatst.

In 1971 werd dit neobarokorgel van de Nederlandse bouwer Flentrop geïnstalleerd in de orgelkast van de Grote Zaal Henry Le Bœuf.
In 1971 werd dit neobarokorgel van de Nederlandse bouwer Flentrop geïnstalleerd in de orgelkast van de Grote Zaal Henry Le Bœuf.

Pas in 1988 ontstaat een nieuw project onder leiding van de Belgische organist Bernard Foccroulle. Vanaf 1993 begint de lange restauratieperiode. De Manufacture d’Orgues luxembourgeoise Westenfelder begint de herstelwerkzaamheden en in 2017 worden ze voltooid door het Franse duo Bernard Hurvy en Olivier Robert, met de medewerking van de Belgische orgelbouwer Pieter Vanhaecke.

De restauratie is een waar hindernissenparcours en loopt veel vertraging op. Er is de renovatie van de Grote Zaal Henry Le Bœuf, een onderaannemer gaat failliet en er treedt verschillende keren waterschade op. De financiering gebeurt voornamelijk met private middelen.

Olivier Latry aan de speeltafel van het orgel en Hugh Wolff aan het hoofd van het  Belgian National Orchestra tijdens de inhuldiging van het orgel in september 2017 © GR - Belgian National Orchestra
Olivier Latry aan de speeltafel van het orgel en Hugh Wolff aan het hoofd van het Belgian National Orchestra tijdens de inhuldiging van het orgel in september 2017 © GR - Belgian National Orchestra
De herrijzenis

In 2017, nadat het 50 jaar lang heeft gezwegen, laat het nieuwe orgel eindelijk weer zijn talloze klankkleuren weerklinken tijdens de ‘InORGuration’. Deze technologische parel combineert traditie en moderniteit en beschikt over ongeveer 4200 orgelpijpen, 60 registers, 4 klavieren en een pedaalklavier. Solisten van wereldniveau, onder anderen Olivier Latry, Bernard Foccroulle en Benoît Mernier, vergasten het publiek op memorabele muziekavonden, waarbij geregeld werken voor orgel en orkest hun première beleven.

Vanaf dan start het muziekseizoen van BOZAR elk jaar met Organ Night Fever: een festivalavond waarbij het orgel de dialoog aangaat met elektronische en hedendaagse muziek, jazz, film, dans… Die concerten, en ook de traditionele reeks recitals, zetten grote muzikanten in het zonnetje zoals John Zorn, Anna von Hausswolff, Iveta Apkalna, Karol Mossakowski, Jef Neve, Cindy Castillo, Serge Schoonbroodt…

Anna von Hausswolf tijdens Organ Night Fever 2018 © Caroline Lessire
Anna von Hausswolf tijdens Organ Night Fever 2018 © Caroline Lessire

In drie jaar heeft dit unieke instrument een dimensie toegevoegd aan het muziekaanbod van BOZAR, zegt Jérôme Giersé, directeur van BOZAR MUSIC:

‘Het instrument heeft opnieuw zijn plaats ingenomen in het culturele project van BOZAR. Het resultaat van de restauratie is een buitengewoon symfonisch instrument, zowel wat betreft de afmetingen als de klankkwaliteit. En dankzij de integratie van de allernieuwste technologieën kunnen organisten het heel soepel bespelen. Dankzij de elektronische toevoegingen is het orgel van BOZAR een instrument waarop muziek gespeeld kan worden die drie eeuwen omspant, van Bach tot hedendaagse composities. Bovendien inspireren ze de creativiteit van componisten en organisten. Het is opmerkelijk hoe dit instrument erin geslaagd is een leegte op te vullen in het Belgische orgelpatrimonium.’
Paul Dujardin, links, en Jérôme Geirsé, rechts, voor het beschadigde orgel © Yannick Sas
Paul Dujardin, links, en Jérôme Geirsé, rechts, voor het beschadigde orgel © Yannick Sas
De geschiedenis herhaalt zich

Op 18 januari 2021, in een tijd waarin BOZAR zijn uiterste best doet om de hoofdstad tijdens de coronapandemie toch een beetje cultuur te bieden, breekt er brand uit op het dak van het Paleis voor Schone Kunsten. Tijdens de bluswerkzaamheden stroomt er water naar binnen en wordt het orgel, dat pas onlangs volledig gerestaureerd is, opnieuw beschadigd.

Het orgel, dat zo lang niet meer dan een ornament is geweest in de Grote Zaal Henry Henry Le Bœuf, dreigt nu opnieuw tot zwijgen te worden gebracht. De precieze omvang van de schade zal pas na een uitvoerig onderzoek kunnen worden bepaald. Het ziet er hoe dan ook niet goed uit. Er zullen opnieuw restauratiewerken nodig zijn om de ongelukkige hoofdrolspeler in dit woelige verhaal nogmaals te doen herrijzen.

#TOGETHERBOZAR
Zijn het orgel van het Paleis voor Schone Kunsten en zijn toekomst belangrijk voor jou? Als je wilt, kan je een donatie schenken aan BOZAR.

De toestand van het orgel na de brand en de waterinfiltratie:

Orgelbouwer Pieter Vanhaecke kijkt toe hoe water in het orgel stroomt, januari 2021 © VRT
Orgelbouwer Pieter Vanhaecke kijkt toe hoe water in het orgel stroomt, januari 2021 © VRT
Vocht in leidingen, januari 2021 © Yannick Sas
Vocht in leidingen, januari 2021 © Yannick Sas
Aangetaste mechanische onderdelen, januari 2021 © Yannick Sas
Aangetaste mechanische onderdelen, januari 2021 © Yannick Sas
Aangetaste mechanische onderdelen, januari 2021 © Yannick Sas
Aangetaste mechanische onderdelen, januari 2021 © Yannick Sas

Zie ook

  • Wie is er bang voor het grote boze orgel?

    Wie ooit een concert bijwoonde in de Grote Zaal Henry Le Boeuf heeft hem ongetwijfeld al gezien: het gigantische orgel van BOZAR.

    — gepubliceerd op