© Belgian National Orchestra
RADAR

De Grote Zaal Henry Le Bœuf en haar geschiedenis

De Grote Zaal Henry Le Bœuf is een architecturaal pronkstuk van Victor Horta. De zaal werd ingehuldigd op 19 oktober 1929, en werd later vernoemd naar zakenman en bankier Henry Le Bœuf, die actief bijdroeg aan het Brusselse muziekleven, en in dit geval ook aan de ontwikkeling van deze muziektempel. Al 90 jaar lang mag de zaal de allerbeste muzikanten verwelkomen, die het unaniem eens zijn over zijn uitzonderlijke visuele harmonie en akoestische kwaliteiten. Hier volgt een kort portret van deze mythische plek, die door de brand van 18 januari 2021 helaas beschadigd raakte.

© GR
© GR

Een blik op het plafond van de grote zaal ontwaart meteen zijn ruimtelijke grootsheid, maar ook de roodscharlaken fluwelen stoelen, de houten parketvloer, de sobere witte zuilen en het subtiele verguldsel blijven imponeren. Over deze balans tussen schittering en soberheid, over elk detail van de zaal is nagedacht door de ontwerper, de Belgische architect Victor Horta, een grootmeester van de art nouveau die evolueerde naar art deco. Met zijn ontwerp beoogde hij ongetwijfeld de muziek naar een hoger niveau te tillen.

© GR
© GR

Symfonie voor de ogen, schouwspel voor de oren

Hoewel Victor Horta het plan voor de Grote Zaal Henry Le Bœuf alleen heeft uitgewerkt, hield hij toch rekening met enkele wensen van belangrijke personen. De beroemde vioolvirtuoos Eugène Ysaye wilde zo dat de artiesten zich omringd zouden voelen door het publiek. Het zaalontwerp moest bovendien een aanzienlijke capaciteit bieden (2.150 zitplaatsen), uiteraard met een optimale luisterervaring voor iedereen. Henry Le Bœuf hield er een uitgebreide briefwisseling met Horta op na om de allerbeste akoestiek en verlichting te garanderen, maar ook om te hameren op comfort en de spreiding van de zetels:

“Onze zaal is groot genoeg”, zei hij, “en ik wil dat iedereen zich op zijn gemak voelt.”

Henry Le Boeuf © Archieven BOZAR
Henry Le Boeuf © Archieven BOZAR

Het gebruikte materiaal, namelijk gewapend beton, brengt Horta ertoe om voor een “eivorm” te kiezen, wat het eindresultaat zowel charmant als uniek maakt. Gewapend beton was goedkoop, leidde tot weinig materiaalverlies en was snel leverbaar, in tegenstelling tot het staal dat oorspronkelijk was voorzien. “De kwaliteit van de akoestiek hangt grotendeels af van de plaatsing van het materiaal”, vertelt Horta in zijn Mémoires.

Victor Horta rond 1900 © GR
Victor Horta rond 1900 © GR

Strelende klank voor violen

De akoestiek van de Grote Zaal is doorheen de tijd geëvolueerd. Aanvankelijk stond ze erom bekend dat vooral strijkinstrumenten er goed tot hun recht kwamen. Dat sloot perfect aan bij de muzikale trends van de tijd, toen België een van de voornaamste vioollanden was.  In studies die tussen 1945 en 1960 zijn uitgevoerd, werd de akoestiek van de zaal op hetzelfde niveau geplaatst als die van de Musikverein in Wenen, het Concertgebouw in Amsterdam of de Symphony Hall in Boston.

Tabernacle in Salt Lake City rond 1870 © GR
Tabernacle in Salt Lake City rond 1870 © GR

In feite had Horta, voordat hij aan het project begon, de akoestiek van het Concertgebouw en die van de Opéra Garnier in Parijs bestudeerd. Hij raakte ook geïnspireerd door de Mormon Hall in Salt Lake City, waarvan hij de akoestiek kon waarderen gedurende zijn ballingschap in de Verenigde Staten tijdens de Eerste Wereldoorlog. De orkestleider Arturo Toscanini, die in 1930 en 1934 in het Paleis voor Schone Kunsten optrad met het Filharmonisch Orkest van New York, zou aan het begin van één van zijn concerten hebben verklaard: “Op deze plek voel ik me voor het eerst gehoord.”

De zaal, met haar oranje zetels en tapijt, in de jaren 1970 © Archieven BOZAR
De zaal, met haar oranje zetels en tapijt, in de jaren 1970 © Archieven BOZAR

Zoektocht naar een ideaal

Na de brand die de zaal trof in 1967, werd om veiligheidsredenen besloten het houten podium, dat Horta als een klankkast had ontworpen, te verwijderen en te vervangen door een exemplaar in beton. Bovendien werden de stoelen vervangen en werd er een tapijt gelegd. Samen hadden al deze ingrepen een bijzonder negatieve impact op de akoestiek in de zaal.

Sloop van het betonnen podium © Archieven BOZAR
Sloop van het betonnen podium © Archieven BOZAR
Reconstructie van het houten podium © Archieven BOZAR
Reconstructie van het houten podium © Archieven BOZAR

Van de jaren 1990 tot 2017 volgden verschillende restauraties elkaar op, in een poging de oorspronkelijke akoestiek te herstellen. Het betonnen podium verdween, het tapijt maakte plaats voor een houten parketvloer, de stoelen werden opnieuw vervangen, de deuren werden aangepakt voor een betere geluidsisolatie, en ga zo nog maar een tijdje verder. In 2000 sprak Pierre Boulez zijn waardering uit over het resultaat van de eerste restauratie: 

“Ik was afgelopen voorjaar te gast in het Paleis voor Schone Kunsten te Brussel voor drie concerten met het London Symphony Orchestra. Ik had al concerten gegeven in deze zaal vóór de recente renovatie, en kan u verzekeren dat de akoestiek oneindig veel beter is geworden. Het geluid is levendiger, krachtiger, het geheel van de instrumenten, de balans ertussen, het samenspel en hun afzonderlijke kwaliteiten komen beter tot hun recht. Het is fantastisch dat deze historisch zeer waardevolle zaal nieuw leven werd ingeblazen en zo veel beter in staat is haar oorspronkelijke doel te bereiken: ten dienste staan van het muziekleven met de geschikte akoestische middelen.”

Nikolaus Harnoncourt was op zijn beurt verheugd over de “prachtige, heldere, transparante” klank van deze plek, die hij beschouwde als “een van de prachtigste zalen in Europa wat akoestiek betreft.”

© Archieven BOZAR
© Archieven BOZAR

Duizenden herinneringen

Van bij de inhuldiging tot op vandaag heeft de Grote Zaal Henry Le Bœuf ruimte geboden aan ontelbare gerenommeerde namen. De jazz van Cab Calloway en Louis Armstrong galmt nog na, net als de gejaagde akkoorden van Django Reinhardt of de verheven zang van Billie Holiday. De meest vooraanstaande dirigenten zoals Kleiber, Karajan of Abbado hebben er hun vermaarde orkesten geleid. En laten we de muzikanten Ravi Shankar, Papa Wemba, Montserrat Figueras, Marianne Faithfull, Yehudi Menuhin, Ivry Gitlis of Daniel Barenboim niet vergeten. Deze laatste stond er als 13-jarige al op de planken! De Koningin Elisabethwedstrijd, Jeugd & Muziek, het BIFFF, Balkan Trafik!, Nuits Sonores... We kunnen deze bijzonder plek pas volledig naar waarde schatten in het licht van dergelijke onvergetelijke passages.

Klarafestival, 16 maart 2018 © Maxim Verbueken
Klarafestival, 16 maart 2018 © Maxim Verbueken

Na de brand van 18 januari 2021 heeft deze zaal spijtig genoeg wat van haar glans verloren. Laten we hopen dat ze na een nieuwe restauratie opnieuw even hard kan schitteren. Zodat wij onze blik opnieuw naar het plafond kunnen richten en kunnen genieten van de sereniteit en openheid van dit pronkstuk van onze culturele geschiedenis.

#TOGETHERBOZAR
Zijn de Grote Zaal Henry Le Bœuf en haar toekomst belangrijk voor jou? Als je wilt, kan je een donatie schenken aan BOZAR.

De toestand van de zaal na de waterinfiltratie:

Water stroomt uit het plafond, januari 2021 © Yannick Sas
Water stroomt uit het plafond, januari 2021 © Yannick Sas
Een beschadigd loge, januari 2021 © Yannick Sas
Een beschadigd loge, januari 2021 © Yannick Sas
Het beschadigde plafond van een loge, januari 2021 © Yannick Sas
Het beschadigde plafond van een loge, januari 2021 © Yannick Sas
De wandelgangen van de zaal, januari 2021 © Yannick Sas
De wandelgangen van de zaal, januari 2021 © Yannick Sas
Het podium van de zaal na de infiltraties, januari 2021 © Yannick Sas
Het podium van de zaal na de infiltraties, januari 2021 © Yannick Sas

Zie ook

  • Architecturale parel vecht tegen de vlammen

    Op 18 januari raakte het Paleis voor Schone Kunsten zwaar beschadigd door een brand die uitbrak op het dak. Wij zijn vastbesloten om het prachtige gebouw van Victor Horta zo snel mogelijk te restaureren, en willen alles in het werk stellen opdat het zijn verdiende plaats in het culturele leven van ons land kan behouden. Dit is een unieke plek met een lange, rijke geschiedenis.

    — gepubliceerd op
  • Een bewogen geschiedenis

    Zal het orgel opnieuw moeten zwijgen?

    Maandag 18 januari 2021, er breekt brand uit op het dak van het Paleis voor Schone Kunsten. Het vuur richt geen al te grote schade aan, maar het water waarmee de brand geblust wordt wel. Het orgel – de muzikale en architecturale parel van de Grote Zaal Henry Le Bœuf – is het zwaarst getroffen. Een nieuwe mokerslag voor dit instrument. Zijn bewogen geschiedenis en de verschillende herrijzenissen bieden meer dan genoeg stof voor een tv-serie. In 1967 werd het door brand beschadigd en daarna bleef het een halve eeuw stil. Tot het in 2017 weer volledig gerestaureerd was. Een terugblik op de spannende geschiedenis van dit belangrijke instrument van ons muzikaal erfgoed.

    — gepubliceerd op