16

Drie schrijvers praten over het dorp als thema in hun werk. In hoeverre bestaat dat dorp vandaag eigenlijk nog? Ooit stond Vlaanderen synoniem met het landelijke leven, maar de afgelopen decennia is het zodanig verstedelijkt dat we vandaag misschien wel meer van één grote stad met heel veel groen in kunnen spreken. Wat is het belang van het dorp als culturele ruimte, met alle dimensies die dit met zich meebrengt (sociaal, ecologisch, artistiek, etc.)?
Aanleiding van de avond is een retrospectieve over het werk van Roger Raveel, die zich zowel thematisch als professioneel steeds op het lokale heeft gericht, een groot contrast met de internationalisering die in de kunsten tot voor kort de norm was maar misschien door covid-19 zal veranderen.

Paul Demets is dichter en criticus. Hij groeide op in hetzelfde dorp als Roger Raveel, was een tijdlang officieel Plattelandsdichter van Oost-Vlaanderen en publiceerde dit voorjaar een bundel gedichten opgedragen aan Raveel.
​​​​​​​Chris De Stoop is schrijver en journalist. Hij is een van belangrijkste literaire non-fictieschrijvers in Vlaanderen en publiceerde over het leven op het platteland in boeken als Dit is mijn hof (2015) en Het boek Daniel (2020). 
Lize Spit is schrijver van de succesvolle romans Het smelt (2015) en Ik ben er niet (2020). Ze woont in Brussel, maar groeide op in de Kempen. In haar internationaal succesvolle debuut laat ze het hoofdpersonage terugkeren naar haar geboortedorp om wraak te nemen op het hele dorp.

Zie ook