Gepubliceerd op - Klaas Coulembier

Monumentale muziek op mensenmaat

Hoe klonk Brussel door de eeuwen heen? En welke muziek is onlosmakelijk verbonden met de Zennestad? De concertreeks Echoes of Brussels springt op en af de tijdlijn en legt haar oor bij memorabele creaties en inwoners. Op 28 oktober speelt Daan Vandewalle de indrukwekkende variatiecyclus The People United Will Never Be Defeated! van de Amerikaanse componist Frederic Rzewski die meer dan veertig jaar in Brussel woonde.

Frederic Rzewski (1938-2021) groeide op in de Verenigde Staten, maar trok in 1960 naar Italië om er bij Luigi Dallapiccola te gaan studeren. Na een korte terugkeer naar Amerika vestigde hij zich in 1977 definitief in Brussel, vanwaaruit hij een internationale carrière uitbouwde als componist en pianist.

Als kind wilde hij niets liever dan in de voetsporen van Beethoven treden, en dat deed hij. Hij speelde piano alsof het instrument een deel van zijn lichaam was. Hij componeerde muziek die complex en uitdagend is, maar tegelijk geen luisteraar onbewogen laat. Hij had ook een duidelijke politieke visie die hij niet zomaar kon uitschakelen als kunstenaar. Hij was vertrouwd met de nieuwste ontwikkelingen van de muzikale avant-garde, maar zag geen heil in de haast wetenschappelijke benadering van bijvoorbeeld het serialisme. Voor Rzewski moest muziek iets weerspiegelen van onze menselijkheid. We ervaren het leven immers niet als een perfect geordende structuur, maar als een grote chaos waaruit zowel mooie als lelijke dingen voortkomen.

Uiteindelijk draait het voor Rzewski om mensen die met muziek iets willen vertellen. Die pure menselijkheid is nergens beter gedocumenteerd dan in de film Turn Your Eyes To The Present van Gerd Conradt. We zien er hoe Rzewski in niet veel meer dan een boxershort en slippers het vierde pianoconcerto van Beethoven speelt, op een gammele buffetpiano in het washok van zijn verblijfplaats in Italië. De pianovirtuoos en componist die aan Harvard en Princeton studeerde en sinds 1977 vanuit zijn woonplaats in Brussel naar Luik pendelde om er les te geven aan het conservatorium heeft geen mooie kleren of dure instrumenten nodig om op een ontwapenende manier indruk te maken. Hij speelt.

Wat Frederic Rzewski nog gemeen heeft met Ludwig van Beethoven is een monumentale variatiereeks. Hierin komt de muzikale traditie waarin Rzewski zich zo thuis voelde samen met zijn geloof in de idealen van een samenleving die de waarden en de rechten van het volk centraal stelt. The People United Will Never Be Defeated wordt vaak vergeleken met de Diabellivariaties van Beethoven, die ook op het programma stonden bij de wereldpremière met Ursula Oppens. Het uitgangspunt is dan ook erg gelijkaardig: één herkenbaar thema wordt meer dan dertig keer gevarieerd, wat leidt tot een uit de kluiten gewassen werk van meer dan een uur. In die variaties exploreren beide componisten alle mogelijke karakters, stijlen en speeltechnieken.

"Voor Rzewski moest muziek iets weerspiegelen van onze menselijkheid. We ervaren het leven immers niet als een perfect geordende structuur, maar als een grote chaos waaruit zowel mooie als lelijke dingen voortkomen."

Een strijdlied

Een variatiereeks is gebaat bij een eenvoudig en herkenbaar thema. Is het thema te complex, dan wordt het moeilijk om het nog interessanter te maken in de variaties. Is het thema niet herkenbaar genoeg, dan loopt de luisteraar verloren. Rzewski vond het perfecte thema in het Chileense strijdlied ¡El pueblo unido jamás será vencido!, geschreven door Sergio Ortega Alvarado rond de militaire coup in Chili van 11 september 1973. Deze staatsgreep onder leiding van Augusto Pinochet was een zoveelste episode na decennia van politiek getouwtrek en een aaneenschakeling van economische crisissen en slecht bestuur. Het strijdlied werd vooral gebruikt door de volkspartij van president Salvador Allende, die tijdens de staatsgreep om het leven kwam. Het werd een eerbetoon aan de idealen waar Allende naar streefde en bij uitbreiding een symbool voor het linkse gedachtengoed in Zuid-Amerika en daarbuiten.

De melodie van ¡El pueblo unido jamás será vencido! heeft alles wat een strijdlied nodig heeft: een duidelijk ritme dat zich goed laat scanderen, een stijgende melodie die energie en hoop uitstraalt, en een bezwerende repetitiviteit die uitnodigt om het lied te blijven herhalen. Dat zijn ook precies de eigenschappen waarmee Rzewski op meesterlijke wijze aan de slag gaat in The People United Will Never Be Defeated!. Met uitroepteken en veel hoofdletters.

Eenheid in variatie

Rzewski zet het strijdbare karakter van de muziek meteen in de verf. Nog voor de originele melodie klinkt, scandeert de piano de slogan van het werk. In de partituur staan de woorden zelfs onder de noten om de boodschap kracht bij te zetten, eerst in het Spaans, daarna in het Engels. Dan pas volgt de hele melodie, in een vrij ontspannen sfeer.

Na 36 maten, precies evenveel als er variaties zullen volgen, begint Rzewski zijn reis door een steeds uitdeinend universum. De eerste variatie is eenvoudig van opzet. Hij behoudt de noten van de melodie, maar verspreidt deze over het hele bereik van het klavier. Dankzij de herkenbare contouren van het originele lied blijft het thema herkenbaar. Doorheen de volgende variaties, die vaak naadloos in elkaar overlopen, wordt de muziek complexer en drijven we geleidelijk verder weg van het origineel, maar telkens weer brengt Rzewski ons terug bij bakens van herkenning.

De 36 variaties zijn opgebouwd als zes groepen van zes, waarbij de laatste variatie van elk groepje een samenvatting is van de vijf voorgaande. Op die manier vormt elke groep van zes variaties een kleine afgeronde eenheid. De swingende ritmes waarmee variatie 7 begint, komen dus ook terug aan het begin van variatie 12. De jazzy groove van variatie 13 (met verwijzing naar het Italiaanse socialistische lied Bandiera Rossa) opent variatie 18. Hoe verder we in de variatiereeks komen, hoe vrijer Rzewski omgaat met deze structuur, een weerspiegeling van de chaos in het echte leven. De vijfde groep van zes variaties is de minst duidelijk geordende. In variatie 26 duikt zelfs nog een nieuw thema op: het Solidaritätslied van Hanns Eisler.

De perfecte eenheid van The People United blijkt nog maar eens wanneer we de zesde groep van zes variaties bereiken. In deze laatste variaties verwijst Rzewski nog eens terug naar de vorige variaties. Variatie 31 vat alle eerste variaties van de vorige groepen samen, variatie 32 doet hetzelfde met alle tweede variaties, en zo verder. We blikken dus nog een laatste keer terug op het volledige afgelegde parcours. De allerlaatste variatie mondt uit in een geïmproviseerde cadens waarbij de uitvoerder zelf kan reageren op de muzikale wereld die hij of zij net doorkruiste. De componist legt de muziek niet op als een dictator, maar nodigt de uitvoerder – en via hem het publiek – uit om een eigen versie van het verhaal te schrijven.

Het blijvende succes van deze compositie is te verklaren vanuit de perfecte combinatie van originaliteit, complexiteit en herkenbaarheid. Het werk is verrassend toegankelijk, niet in de zin van gemakkelijk, maar in de zin dat Rzewski, en bij uitbreiding de uitvoerder, de luisteraar bij de hand neemt door het labyrint van een grenzeloze muzikale verbeelding.