- Een trage doorstart via Art Pepper
Midden jaren 1970 gaat Fred Hersch (°1955), student met bakken talent en minstens evenveel nieuwsgierigheid, naar een jazzclub om er Art Pepper aan het werk te zien. Het zou een memorabele avond worden. Niet alleen raakt Peppers pianist verwikkeld in een gevecht en wordt hij buiten geschopt. Hersch gaat in op de vraag of er nog een pianist in de zaal is en speelt vijf avonden mee. Al was het niet zo’n aangename ervaring: “Pepper vergat meermaals welk nummer hij aan het spelen was en schreeuwde dan tegen me.” Het betekende niet de gehoopte grote doorbraak, maar dankzij de verhuis naar New York in 1977 ging de bal verder aan het rollen.
- Hij speelt het liefst met twee
Toots Thielemans, Jane Ira Bloom, Bill Frisell, Julian Lage, Esperanza Spalding ... Het zijn slechts enkele (grote) artiesten waar Fred Hersch al een duo mee gevormd heeft. Zijn fantastisch solo-, trio- en kwintetwerk niet nagelaten, is in duo spelen voor hem het grootste plezier. Aan JazzTimes vertelt hij over de kiem van die voorliefde in zijn studentenjaren: “Ik was aan het repeteren en wanneer er mensen passeerden, riep ik ‘Kom erbij, laten we een duo spelen!’ Het kon een andere pianist zijn, of een saxofonist, zanger of wat dan ook.” Zo ontdekte Hersch de mogelijkheden van ‘slechts’ met twee te zijn. “Ik kan contrapunt spelen voor de andere. Ik kan een orkest zijn voor de andere. Ik kan de volledige breedte van het klavier gebruiken of die net beperken. Ik kan solo’s spelen ...”
- Sullivan Fortner is zijn protégé
Geen wonder dat hij voor zijn verjaardagstournée er een tweede muzikant bijhaalt: Sullivan Fortner, in maart 2025 nog te gast bij Bozar. Fortner nam als student privéles bij Hersch, die eerder al Brad Mehldau en Aaron Diehl onder zijn hoede had genomen. Zijn talent is in Hersch’ ogen kraakhelder: hij noemt Fortner “een van de beste jazzpianisten in de wereld vandaag”. Hersch zou uiteindelijk het album Solo Game van Fortner producen. De leerling herinnert zich: “Ik belde hem en gaf hem een lijst met 400 nummers. Hij koos er 30 uit en tijdens de sessie riep hij gewoon nummers vanuit de controlekamer. Ik speelde alles wat hij selecteerde en we deden alles in één take. We hebben het teruggebracht tot negen songs, die hebben we gemasterd en that was it.”
Hersch is één van die pianisten binnen de hedendaagse jazz die je gewoonweg altijd in vervoering brengt met alles wat hij speelt.
- Hij kroop door het oog van de naald
Al sinds de jaren 1990 is Hersch openlijk gay en een inspirerende fondsenwerver voor Aids-campagnes. Een deel van de opbrengsten van zijn albums gaan naar goede doelen en benefietconcerten halen aanzienlijke bedragen op. Zelf vecht hij namelijk tegen het Hiv-virus, die hem bijna kleingekregen heeft. In 2008 lag Hersch twee maanden in coma. Hij kroop door het oog van de naald, en moest in de periode die volgde opnieuw piano leren spelen. In zijn autobiografie Good Things Happen Slowly geeft hij toe dat telkens hij een album maakte, hij dacht dat het wel eens de laatste zou kunnen zijn.
- Hij verkiest live boven studiowerk
Hersch’ recentste album The Surrounding Green, met Drew Grass op bas en Joey Baron op drums, is een van de weinige studioalbums die hij de afgelopen decennia uitbracht. Live op het podium staan, wel of niet met een opnameapparatuur erbij, is meer zijn ding. “Alles wat ik doe is live. Ik speel niet zo goed in de studio. Ik hou niet van koptelefoons; ik voel me zelfbewust en kan niet vrij zijn.” De lovende reacties op het album spreken hem nochtans tegen.