Gepubliceerd op - Guillaume De Grieve

Fire in my mouth: de vonk die oversloeg bij Julia Wolfe

Monumentaal, aangrijpend en bitterzoet. ‘Fire in my mouth' van de Amerikaanse componist Julia Wolfe heeft alles om een van dé producties van het jaar te worden. Bozar slaat de handen in elkaar met het Belgian National Orchestra, de Munt en het Vlaams Radiokoor om het ontroerende oratorium van onze portretartiest tot leven te brengen.

25 maart 1911. Er breekt brand uit op de achtste verdieping van de kledingfabriek Triangle Shirtwaist in New York. De arbeiders, voornamelijk Joodse en Italiaanse geïmmigreerde vrouwen en meisjes, kunnen het vuur niet ontvluchten. De fabrieksdeuren zijn namelijk op slot om te voorkomen dat ze ongeplande pauzes zouden nemen. Deze tragische gebeurtenis brengt de protesten en eis voor betere werkomstandigheden in een stroomversnelling. Wolfe, die met Steel Hammer en Anthracite Fields eerder al twee werken schreef over Amerikaanse arbeiders, haalt de vrouwen uit een slachtofferrol en plaatst hen op de barricades. Ze zijn protagonisten met invloed en een stem – 146 ‘stemmen’ om precies te zijn. 

"De brand en de protesten die zowel voor de brand als erna plaatsvonden, hebben geleid tot een publieke oproep tot verandering."
- Julia Wolfe

Jarenlang passeerde Wolfe op weg naar de New York University, waar ze doceert, een gedenkteken dat de 146 slachtoffers van de brand herdenkt. De geschiedenis van die plek bleef nazinderen en knagen. “Ik heb veel nagedacht over vrouwelijke immigranten op de werkvloer rond de eeuwwisseling. Ze waren vertrokken uit hun vaderland om aan armoede en vervolging te ontsnappen. Velen onder hen kwamen terecht in enorme fabriekshallen, waar honderden vrouwen achter naaimachines zaten.”  

Een van de sleutelfiguren in het verzet tegen de erbarmelijke werkomstandigheden was de uit Oekraïne geëmigreerde Clara Lemlich. Als 23-jarige naaister stond ze in 1909 aan de wieg van de Uprising of the 20,000 – de grootste vrouwenstaking in de VS tot dan toe. Ter intimidatie werd ze in elkaar geslagen, maar de volgende dag stond ze, met gebroken ribben, opnieuw te betogen. Jaren later blikte ze terug op haar strijdlust: “Ah, then I had fire in my mouth.” 

Tussen de naden van de Amerikaanse Droom 

In vier delen reconstrueert Wolfe de reis die de jonge vrouwen ondernamen en de Amerikaanse Droom die verknipt en verscheurd werd. In het eerste deel Immigration hoor je de getuigenis van een immigrante onderweg over de Atlantische oceaan. Zinnen worden gefragmenteerd en herhaald om er extra betekenis aan te geven. Het orkest imiteert in Factory de geluiden van naaimachines en geruis. We bevinden ons in een machine. Met een Yiddish volksdeuntje en een Italiaanse tarantella worden niet alleen de twee voornaamste nationaliteiten in de fabriek voorgesteld, maar krijgen de arbeidsters ook een identiteit. “I want to walk like an American. I want to look like an American,” wordt er gezongen in Protest. Het vrouwenkoor droomt van een beter leven. Het meisjeskoor antwoord met de bittere realiteit en scandeert een speech van de activiste Clara Lemlich. Pas in het laatste deel Fire zingen de twee koren samen. Een noodkreet. Een aszwarte stilte. Tot slot worden de namen van alle slachtoffers geprojecteerd en voorgedragen. Ze flikkeren tot in de eeuwigheid.